Geen grap: op 1 april 2026 worden de handhavingsregels in Vlaanderen drastisch strenger

Op 1 april 2026 treedt het Kaderdecreet Vlaamse Handhaving van 14 juli 2023 in werking. Dit decreet hertekent het volledige handhavingslandschap voor ruimtelijke ordening, milieu, erfgoed en talloze andere Vlaamse beleidsdomeinen. Voor eigenaars, bouwheren, ondernemers en iedereen die te maken krijgt met Vlaamse regelgeving brengt dit ingrijpende wijzigingen mee. Wij zetten de voornaamste nieuwigheden op een rij.
1. Waarom een nieuw kaderdecreet?
Het Vlaamse handhavingsrecht was jarenlang versnipperd over tal van sectorale regelgevingen: de VCRO voor stedenbouw, het DABM voor milieu, het Onroerend Erfgoeddecreet, en zo meer. Elk domein had zijn eigen bevoegde ambtenaren, procedures en sancties, wat leidde tot rechtsonzekerheid en inconsistente handhaving.
Het Kaderdecreet Vlaamse Handhaving (KVH) van 14 juli 2023 schept één overkoepelend kader voor alle Vlaamse beleidsdomeinen. Het harmoniseert de bevoegdheden van toezichthouders, de procedures voor bestuurlijke sancties en herstel, en de regels inzake verjaring en rechtsbescherming. De inwerkingtreding op 1 april 2026 — via het eerste implementatiedecreet van april 2024 — is geen grap: het is een fundamentele hervorming van het Vlaamse omgevingslandschap.
2. Drie nieuwe actoren: toezichthouder, beboetingsinstantie en herstelinstantie
Het nieuwe decreet vervangt de huidige lappendeken van functietitels door drie heldere rollen. De toezichthouder staat in voor controle en opsporing: hij kan plaatsen betreden, documenten opvragen, vaststellingen doen en een proces-verbaal of verslag van vaststelling opmaken. De beboetingsinstantie is belast met de bestuurlijke vervolging en het opleggen van financiële sancties. De herstelinstantie is bevoegd om publieke herstelmaatregelen op te leggen, via bestuursdwang of een bestuurlijk herstelbevel. Bestaande functionarissen worden via een automatische ‘mapping’ omgezet naar de nieuwe rollen: verbalisanten worden toezichthouder, stedenbouwkundig inspecteurs worden herstelinstantie, en Vlaanderen behoudt de bevoegdheid om geldboetes op te leggen.
3. Drie soorten schendingen: misdrijf, inbreuk en normschending
Het decreet introduceert een verfijnd drieluik. Een misdrijf is een gedraging die strafrechtelijk vervolgbaar is en leidt tot een proces-verbaal. Een bestuurlijke inbreuk is een overtreding die uitsluitend met een bestuurlijke geldboete wordt gesanctioneerd. Nieuw is de normschending: een gedraging die noch als misdrijf noch als inbreuk gekwalificeerd is, maar die toch aanleiding kan geven tot publieke herstelmaatregelen. Dit nieuwe begrip verruimt de mogelijkheden van de overheid om op te treden, ook wanneer geen formele strafbepaling van toepassing is. Tegelijk wordt het ‘una via’-beginsel versterkt: strafrechtelijke en bestuurlijke vervolging voor dezelfde feiten zijn niet langer cumuleerbaar. Reageert het Openbaar Ministerie niet binnen drie maanden na ontvangst van het proces-verbaal, dan wordt dit gelijkgesteld met een sepot en kan de beboetingsinstantie zelfstandig optreden.
4. Beveiligingsmaatregelen: het nieuwe stakingsbevel
Het klassieke stakingsbevel verdwijnt en wordt vervangen door een breder instrument: de beveiligingsmaatregel. Dit is een onmiddellijk uitvoerbare maatregel die zowel door de toezichthouder als door de herstelinstantie kan worden opgelegd. De beveiligingsmaatregel omvat niet enkel het stopzetten van werken, maar ook toegangsverboden, gebruiksbeperkingen, gedeeltelijke sluiting van inrichtingen en het in bewaring nemen of vernietigen van zaken. Nieuw is ook de mogelijkheid tot modulering: in plaats van een volledige staking kunnen voortaan gefaseerde of gedeeltelijke maatregelen worden opgelegd, mits proportionaliteitstoets.
5. Herstel en publieke schade: een verruimd kader
Het decreet introduceert het begrip ‘publieke schade’, dat bestaat uit de onregelmatigheden die een misdrijf, inbreuk of normschending vormen, samen met de publieke verliezen — een reële krenking van het algemeen belang. Herstel strekt ertoe de referentietoestand te herstellen, dit is de toestand vóór de overtreding. De bestaande herstelvolgorde in de VCRO (meerwaardevergoeding, aanpassingswerken of herstel in oorspronkelijke toestand) blijft als sectorale lex specialis behouden. Nieuw is de herstelschikking: een minnelijke overeenkomst waarbij vrijwillig herstel wordt afgesproken, met een korting van 50% bij herstel bij financiëel equivalent. De nieuw opgerichte Vlaamse Herstelraad vervangt de Hoge Raad voor de Handhavingsuitvoering en verleent een verplicht voorafgaand advies. Belangrijk caveat: verjaring of het uitvoeren van een herstelmaatregel leidt nog steeds niet tot een vergunde status.
6. Wat betekent dit voor u?
Het Kaderdecreet Vlaamse Handhaving is een ambitieuze hervorming met verregaande gevolgen. Voor eigenaars en bouwheren brengt het nieuwe en ruimere bevoegdheden van toezichthouders mee, strengere sanctiemechanismen en een verfijnd herstelkader. Voor ondernemers actief in sectoren die vallen onder Vlaamse regelgeving — van milieu tot erfgoed — is een grondige analyse van de nieuwe spelregels aangewezen.
De inwerkingtreding op 1 april 2026 nadert snel. Wie een handhavingsdossier lopende heeft of voorziet te maken te krijgen met een bestuurlijke sanctie of herstelvordering, doet er goed aan tijdig juridisch advies in te winnen. Jurisens Advocaten volgt deze ontwikkelingen op de voet en staat u graag bij.
Speciaal voor gemeentebesturen biedt Jurisens advocaten een direct beschikbare opleiding aan. Interesse? Contacteer me gerust.
Auteur:
Mr. Jens Joossens
Jurisens Advocaten